Ziekteverzuim

En toch kan het zo zijn dat, ondanks uw inspanningen om stress te verminderen, een werknemer zich ziek meldt. Ook dan dient u uw werknemer te begeleiden, maar de persoon in kwestie heeft zelf ook verantwoordelijkheden. Het gemeenschappelijk uitgangspunt is in elk geval dat de werknemer weer zo snel mogelijk aan de slag gaat. Stress - en arbeidscounseling / coaching begeleidt ook dit proces.
Dit zijn de onderdelen:
- een uitgebreid kennismakings- en intakegesprek, inclusief een intakerapportage die voldoet aan de eisen van UWV, arbodiensten en verzekeraars;
- begeleidingsgesprekken waarbij we aandacht zullen hebben voor de oorzaken van het verzuim (extrinsiek of intrinsiek, exogeen of endogeen), faal- en succesfactoren, mogelijkheden tot herstel, overwinnen van drempels tot herstelmelding;
- intensief overleg met u als werkgever, met de leidinggevende, het sociaal-medisch team, de Arbodienst en het UWV;
- bewaking van de geldende wettelijke termijnen;
- snelle herstelmelding van uw werknemer.
Wilt u precies weten welke fases u in het geval van ziekteverzuim moet doorlopen, klik dan hier.

Hieronder vindt u de verschillende fases van de ziekteverzuimbegeleiding op een rij.
1) De werknemer meldt zich ziek U moet de werknemer binnen een week na ziekmelding, aanmelden bij de arbodienst of bedrijfsarts. Vervolgens houdt zowel de werkgever als de arbodienst (of de bedrijfsarts) minimaal eens in de zes weken contact met de zieke werknemer. Al in dit vroege stadium is het van belang dat de partijen samen onderzoeken welke mogelijkheden er zijn om de werknemer weer aan de slag te helpen. Denkt de arbodienst of de bedrijfsarts dat het langer gaat duren, dan geeft deze uiterlijk na zes weken ziekte een probleemanalyse: een beoordeling van de mogelijkheden om weer aan het werk te gaan.

2) Ziekmelding bij UWV door de werkgever Uiterlijk op de eerste dag na 42 weken ziekte meldt de werkgever het verzuim aan het UWV. Als het UWV de ziekmelding te laat ontvangt, kunt u een boete krijgen van maximaal 455. Is de werknemer meer perioden kort na elkaar ziek geweest, dan kan hij die perioden soms bij elkaar optellen. Dit is het geval als de werknemer tussendoor korter dan vier weken helemaal beter was. De eerste ziektedag kan dus al langer dan 42 weken geleden zijn. De werkgever hoeft zijn werknemers niet meer beter te melden. Daarom vraagt het UWV bij elke aangifte van langdurige ziekte aan te geven hoe de eerste 42 weken ziekte zijn samengesteld. Is de werknemer langer dan vier weken helemaal beter geweest, dan begint een nieuwe periode van 42 weken.

3) Plan van aanpak door de werkgever Als de werkgever, de werknemer en de arbodienst verwachten dat de werknemer weer aan het werk kan, moeten zij samen met de werknemer uiterlijk in de achtste week een plan van aanpak voor herstel en re-integratie maken. Hiervoor kan de werkgever een standaardformulier gebruiken van het UWV. Deze wijst een casemanager aan die de uitvoering van het plan namens UWV begeleidt. Dit kan de werkgever zelf zijn of iemand van bijvoorbeeld de arbodienst of een re-integratiebedrijf. Kan de werknemer niet meer werken en ziet het ernaar uit dat hij niet meer herstelt, dan hoeft de werkgever geen plan van aanpak te maken. Kan de werknemer eerst niet werken maar mogelijk later wel, dan maakt de werkgever het plan van aanpak op het moment dat hij de bijstelling van de probleemanalyse ontvangt. De werkgever moet regelmatig bekijken of bijsturing nodig is.